Dus nu een 2e poging...
Zondag 16 juli, dag 1 van de vakantie, Oud Valkenburg - Stocksee
Omdat de veerboot Kiel-Gotheborg voor zowel zaterdag als zondag al geheel vol
geboekt was, de boot besproken voor maandag. We wilden graag deze overtocht,
omdat dat voor onze geplande route noordelijk langs nationale parken op de
Noors-Zweedse grens een mooi begin zou zijn, Kiel is slechts 600km rijden,
en vanaf Gotheborg ben je binnen 1 tot 2 uur al op wat rustiger secondaire
wegen door de binnenlanden. Net wat relaxter beginnen aan de vakantie dan
via de brugggen of eerst 1000km naar noord Denemarken voor een ferry.
Van mijn zusje de tip gekregen om naar een camping aan de Stocksee te gaan,
een klein meertje net zuidelijk van de grote meren rond Plön, en op een
kleine 30km van de haven van Kiel.
Het was een warme rit, maar door het ontbreken van vrachtverkeer redelijk rustig
op wat opstoppingen na rond Hamburg. Buiten 1 regenachtige ochtend later in de vakantie
de enige dag dat we met de waterdichte binnenvoeringen in ons pak hebben gereden.
Tegen 16:00 op de camping, tentje opgezet aan het water en het dorp ingegaan
voor een hapje avondeten.
Helaas was er een sterfgeval geweest in de familie van het plaatselijke restaurant
en waren ze vandaag voor het eerst weer open zonder nieuwe voorraden, dus jammergenoeg
geen laatste schnitzel voor een paar weken vis en andere vleesvervangers.
Wel konden ze een garnalenomelet maken, met wat salade en brood, wat mischien wel
een betere voorbereiding was op het te verwachten scandinavie menu...
Aankomst op de camping aan de Stocksee

Dag 2, Stocksee, Kiel
's Morgens rond 8:00 de tent uitgebrand en meteen even gaan zwemmen. De boot vertrok
pas om 19:00 en we moesten uiterlijk 1 uur voor afvaart inchecken, dus we hadden
rustig de tijd om een dagje te relaxen (en verbranden) aan het water.
In het dorpje was geen winkeltje dus maar even een paar kilometer gereden voor een bakker
en een bank.
Na het ontbijt de motor opgepakt en weer terug naar het water om nog een paar uurtjes
te zwemmen en te lezen. De kampinghouder vond het geen probleem dat de motor op het terrein
bleef staan en wij nog een dagje aan het water bleven, wat hem betreft hadden we niet al
's morgens de kampeerplek hoeven vrijmaken.
Tegen 16:00 aangekleed en richting Kiel gereden, waar we na een korte koffiestop
om 17:00 bij de boot aankwamen, ietwat te vroeg dus.
Fijn was dat we meteen onze boarding cards kregen en direct door konden rijden de boot op.
Heb dat wel anders meegemaakt; eerst lang wachten en vervolgens gestress en gehaast
om allemaal tegelijk de boot op te gaan, motoren vast te sjorren en tussen de binnenrijdende
auto's door naar boven met je spullen.
Hier dus een leeg ruim, goede spanriemen en genoeg tijd om in alle rust de motor vast te sjorren
en onze hut op te zoeken,
Op de boot

Dag 3, Götheborg - Skasenden
Na een lekkere rustige overtocht 's morgens om 9:00 de boot afgereden met erg lekker
weer. Eindoel voor vandaag was een camping in het Glaskogen Nationale park, een tip
die ik kreeg van Mart. Wel met de waarschuwing dat de laatste 20km onverhard naar
de camping nogal bergachtig was.
Stukje snelweg tot aan Uddevalla en vandaar de 172 gevolgd tot net voorbij Årjäng,
een erg leuke vaak bochtige route door de bossen en langs vrij veel meren en meertjes.
Na Årjäng even goed opletten om de afslag het park in niet voorbij te rijden, en na
20 km erg leuk bergop-bergaf rijden en glijden dwars door het park aangekomen op de camping,
die bijna tot de laatste plek vol stond...
Gezien het lekkere weer besloten om door te rijden naar iets rustigers.
Vanaf de camping noordelijk is de weg verhard maar hobbelig, en via Glava naar Arvika
en vervolgens de 61 naar Kongsvinger waar we wat Kronen en proviand insloegen,
de 3 en de (erg leuke bochtige) 205, 202 en 202 naar de camping in Skasenden,
waar we tegen 18:30 aankwamen.
Zoals veel campings in dit gebied niet al te ver van Oslo was dit ook meer een
caravanpark met allemaal vaste sta-plaatsen, en een vrij klein (3 tents groot)
kampeerveld. Gezien de mooie ligging aan een meer voldoende leuk om 1 nachtje te blijven
en een avondje te wandelen.
Meer bij Skasenden

Dag 4, Skasenden - Sjøenden
Op de kaart had ik iets noordelijk een leuk rood weggetje ontdekt met een stippellijn erlangs,
wat meest betekent dat het een onverharde, niet al te toegankelijke route is. Als vergelijk,
de Jotunheimenveijen en soortgelijke routes zijn gewoon rode lijnen.
De 201 langs het meer een stukje teruggereden en vervolgens de 202 noordelijk tot net voorbij
Velta. Weer een erg mooie route door de bossen en over de fjells, maar met nogal hobbelig asfalt.
Na Velta de 206 op richting Zweedse grens en net voor de grens afgeslagen naar het noorden
richting Gravberget. De eerste paar kilometers op deze volgens mijn kaart nummerloze weg
perfect nieuw asfalt en een mooie route langs het water, daarna een mooie maar erg stoffige
onverharde route met nogal wat wasborden.
De enkele wandelaar die we voorbijreden zal dan ook niet echt blij zijn geweest het stof dat we deden opwaaien...
Net voor Gravberget tol betaald en vervolgens 1 van de mooiste onverharde routes tot nog toe
gereden, zo'n 40km gravel en stenen, en de laatse paar km nieuw dik grind, bergop, bergaf
met mooie vergezichten en welgeteld 3 auto's.
Begin van de Tolweg bij Gravberget en de camping bij Sjøenden

Aan het einde van deze onverharde route bij Kjermoen de 25 overgestoken en 4 kilometer
verder de tent opgezet bij Sjøenden (=einde van het meer), een mooi gelegen camping
aan een erg zwembaar meertje. Aan het einde van de middag nog een rondje rond het meertje gewandeld
en even een duik genomen. De vakantiestemming begint er nu goed in te komen na een dagje met
mooi weer over onverharde wegen hobbelen, wandelen en zwemmen!
Dag 5, Sjøenden - Idre
Eén van de vooraf geplande reisdoelen voor de heenweg noordelijk was het Fulufjället
Nationale park, omdat dit naar men zegt de grootste berenpopulatie heeft van Zweden.
Nadeel is wel dat er in het park dus geen kampeermogelijkheid is en je alleen in van
te voren gereserveerde hutten kunt overnachten.
Vandaar dat we besluiten om om het park heen te rijden en onderweg te bekijken waar we
een leuke camping tegenkomen om als uitvalsbasis te gebruiken voor een parkverkenning.
Via de 25 de Zweedse grens over naar Fulunäs, vandaar de 297 noordelijk naar Särra,
en de 70 "Kopparleden" weer westelijk.
Tussen Särra en Idre nog even getwijfeld om niet wild te gaan kamperen op één van
de wel erg aanlokkelijke veldjes bij parkeerplaatsen aan de Österdalälven, maar omdat we de dag daarna
een hele dag wilden gaan lopen leek het niet handig om langs deze doorgaande
route onze kampeerspullen een dag onbeheerd achter te laten; ook in Scandinavië komen
met het jaar meer toeristen die andere opvattingen hebben over het mijn en dijn.
In Idre zelf een mooie ruime camping gevonden met een lekker schaduwplekje onder de
bomen en uitzicht op een erg brede, rustig stromende Österdalälven. Voor liefhebbers,
de camping heeft meerdere kampvuurplekken.
"s Middags Idre gaan verkennen, onder andere even geneusd bij een Fjall Raven outlet,
en bij een allervriendelijks vvv-dametje ("wilt u echt niet wat meer vanillesaus?")
koffie met gebak genuttigd en van haar de tip gekregen om toch vooral even naar het nabijgelegen
Nipfjället Nationale park te rijden, omdat daar de grootste in het wildlevende rendierpopulatie
van Zweden rondrent.
Dus gewapend met een op een servetje uitgetekende route het dorpje uitgereden,
bij de pomp rechts gegaan, 9 km de bergen in en op de t-splitsing nog even links en
een paar kilometer een onverharde weg naarboven de berg op.
Eerste rendier zagen we al net voor de T-splitsing, en bovenop bij de laatste parkeerplaats
liepen er erg veel, alhoewel ze niet erg wild waren en weinig renden...
Nog een uurtje rondgekeken en genoten van het mooie uitzicht en het lekkere weer,
toen terug naar de camping om te gaan BBQ'en...
Camping bij Idre en de weg door het Nipfjället park

Dag 6, Fulufjället National park
Om niet heen en terug dezelfde route te rijden naar Mörkret, 1 van de ingangen
van het park, 's morgens eerst een kilometer of 15 de 70 westelijk gevolgd en toen
links afgeslagen en via een 15km onverhard en 10 verhard erheen gegaan.
Best een apart ritje over de totaal verlaten onverharde weg, voor 9:00 's morgens,
door een gebied waarvan je weet dat er beren zitten. De kans dat je zo'n beest
treft is klein, maar toch best een apart gevoel wanneer je zo moederziel
alleen (ok, met zijn 2'en) door de binnenlanden tuft.
In Mörkret weer links een paar kilometer stijl (maar verhard) de bergen in, motor geparkeerd
bij het bezoekerscentrum, helmen en kleding in de bagagerol, rugzak op en het park in.
De eerste paar kilometer gedeeltelijk over plankiers gelopen richting Njupeskär,
Zwedens hoogste waterval. Gezien het vroege uur weinig andere wandelaars, en wederom een
toch wat apart sfeertje om door zo'n berenbos te lopen.
De waterval was verfrissend, het volgende deel van de wandeling, via een rotspaadje
naar boven naar de kale rotsen door de al brandende zon wat warmer.
De door het ruwe terrein best moeilijke route volgde de bergkam bovenlangs de waterval,
en enkele kilometers verder ging het pad stijl naar beneden terug richting bezoekerscentrum.
Een erg mooie, maar toch wel vermoeiende wandeling van een uurtje of 3.
Terug bij het bezoekerscentrum was intussen de parkeerplaats tot de laatste plek gevuld,
en ging het in polonaise het park in richting waterval, waren wij blij dat we dat stuk 's morgens
hadden gedaan en de rest van de dag een minder toegankelijke route!
Spullen aan en via Mörkret over een goede geasfalteerde route terug naar de 70,
en daarvandaan weer westelijk richting Idre.
Nog even een uurtje of 2 gestopt op 1 van de vorige dag ontdekte wildkampeerplekken
aan het water om wat te zwemmen en vervolgens terug naar de camping, waar we zowaar 's avonds
de eerste spettertjes regen hadden.
Njupeskär en de zwemplek aan de Österdalälven

Dag 7, Idre - Skåbu
Na een klein weekje tussen deze wat lagere bergen begonnen de wat hogere toppen
meer westelijk toch te roepen, en gezien het mooie weer besloten we om niet verder
noordelijk te gaan, maar westelijk af te buigen richting echte bergen, de Jotunheimen.
De 70, 218, 26 westelijk richting Noorwegen, na Femundsenden (pracht camping aan het meer,
zandstrand, duintjes en rendieren op de camping, alvast aangekruist voor een volgende trip)
de 217 naar Koppang. Weer een mooie vaak bochtige route door de bossen langs meren,
rivieren en watervallen, prachtig.
Na Koppang een klein stukje de 3 zuidelijk, en toen rechts de Vinjeveijen op, een
onverharde tolweg door de bergen van zo'n 30km lang. Begin gaat stijl bergop met hier
en daar een haarspeld en vooral in de bochten wasborden en los grind, maar verder
een makkelijk te rijden weg die steeds leuker word naarmate je meer in het ritme komt
voor de vaak kort op elkaar volgende bochten.
De lucht werd steeds drijgender en boven op de kale toppen op de (verharde) Friisveijen
even gestopt omdat de weg wit was van de hagel en ik geen hand voor ogen meer zag.
5 kilometer verder was het weer zonnig en de weg droog, een aardig contrast binnen een
zo'n klein stukje.
Vanaf Ringebu tot Vinstra even de E6 gevolgd, zoals altijd een vervelende, erg drukke weg
vol met Noordkaapgangers, veel 60km beperking en weinig tot geen inhaal mogelijkheid.
Gelukkig bij Vinstra de E6 al kunnen verlaten en westelijk over de 255 gegaan richting Skåbu
en het begin van de Jotunheimenveijen. Erg leuke weg die 255, stijle klimmen en veel bochten.
In Skåbu even wat proviand ingeslagen bij een tankstation, het supermarktje sloot zaterdag om 15:00,
en net na het dorp een (ooit verharde) zijweg stijl naar beneden naar het meer gevolgd naar de kamping.
Weer echt een kampeerplek zoals je je voorstelt in Noorwegen, tentje met uitzicht op een meer,
veel ruimte, goed sanitair, voor noodgevallen binnen kookruimte en leeshoekje, en rust.
Langs de 217, de Vinjeveijen en de camping bij Skåbu

Dag 8, Skåbu - Krossbu
Toen we enkele jaren terug op Karins eerste Noorwegenvakantie vanaf de Raubergstolen de 55
zuidelijk reden langs de kamping in Krossbu was meteen duidelijk dat we daar een keer
een paar dagen zouden moeten gaan staan.
Zelf was ik er al een keer op doorreis een nachtje geweest, en had me daar erg goed geamuseerd
met een vuilniszak en een lange sneeuwhelling. Wel wat blauwe plekken van de niet helemaal
te controleren stops op de overgang sneeuw-gras/stenen, maar toch erg leuk.
Van Skåbu via de erg mooie onverharde Jotunheimenvegen westelijk naar de 51, even zuidelijk
naar Beitostølen, en daar de tochh wel spectaculaire, soms erg stijle, onverharde Slettfjellveijen
naar de E16 genomen. De afdaling was door het droge weer en daardoor vele losse grind
en zand een enerverende ervaring; sommige stukken in de eerste versnelling, voet op de achterrem
en zelfs voorrem af en toe wat ingehouden. Maar wel erg mooi!
Jotunheimvegen en Slettefjell

De E16 westelijk gevolgd, in Grøv wat inkopen gedaan bij een supermarktje dat ook op zondag open is (uitzonderlijk in de binnenlanden),
en bij Høgeset de 53 opgegaan naar Øvre Årdal. Even gestopt bij het Tyin meer, kristalhelder water
met op de achtergrond de besneeuwde toppen van de Jotunheimen, echt een welkom thuis gevoel.
Vanuit Øvre Årdal de verharde Tinjeveijen tolweg noordelijk genomen naar de 55. Begin van deze weg
is best een uitdaging met een zwaarbeladen gsa, smal, veel korte opeenvolgende haarspeldbochten
en bij tegenliggers vaak geen ruimte om elkaar te passeren. Was ik blij dat we pas na deze bochten
een malloot in een te grote kamper tegenkwamen!
Verder een erg mooie route, steeds hoger de bergen in, steeds meer besneeuwde toppen te zien
en meer gletsjers, en op het einde van de Tinjeveijen nog een leuke klim nog hoger over de 55
naar Turtagrø. Een route die bij het mooie weer dat we er hadden niet te doen is zonder meerdere fotostops.
De 55 nog een stukje verder noordelijk gevolgd, en net na de eerste serieuze afdaling de camping bij het hotel
opgereden, motor op de parkeerplaatsje gezet en ons hele hebben en houwen afgepakt en de tentopgezet
pal aan een gletsjerstroompje. Zo'n beetje de mooiste kampeerplek die je je kunt voorstellen,
besneeude toppen en gletsjers rondom, watertje voor de tent, blauwe lucht en zonnetje...
Verderop op dit terrein zijn zat plekken waar de motor naast de tent kan, maar dan sta je tussen
de kampers en soms caravans. Het door ons gekozen plekje is enkel lopend te bereiken,
of door iemand met meer ervaring en durf, of minder verstand...
's Avonds nog even een stevig stukje geklommen langs het riviertje omhoog naar een paar mooie watervallen,
wat meteen het voordeel had dat we nog wat langer van de zon konden genieten terwijl de lagergelegen camping
al in de schaduw lag.
Tinjevegen en de 55 bij Turtagrø

Dag 9, Krossbu
Vanbij de tent kon je de Storbreen gletsjer al zien liggen, een wandeling van een uurtje of 2.
Omdat er net voor ons een groepje gewapend met touwen,stijgijzers en helmen het pad links
van het water nam besloot ik eigenwijs als ik heel soms ben het minder belopen rechterpad te nemen.
Het werd een steeds enerverender wandeling, het pad was soms weggespoeld door het water, en
op andere plekken ging het over de rosten, dus het was soms een beetje gokken en goed kijken
naar voetsporen welke kant op te gaan. En door rechts het water te volgen moesten we in ieder
geval ergens erover of erdoorheen om bij de aan de linkerkant gelegen gletsjer te komen...
Na een klimmetje over een paar stevige rotsblokken het riviertje overwonnen en na een flinke klim
over een stijl rotspaadje halfverwege de gletsjer bij het ijs gekomen. Prachtig.
Tijdje uitgepuft, en toen op zoek gegaan naar een paadje om ook naar de linkerkant van het
ijs te komen, waar net de andere groep hun eerste schreden over het ijs zetten.
Ook dit werd een enerverende klauterpartij, zeker om over de "moederstroom" van
deze gletsjer te komen, maar uiteindelijk toch aan de andere kant gekomen en de volgende
klim begonnen op de rotsen pal naast de ijswand. Hoe hoger we kwamen, hoe meer losse stenen,
dus halverwege de klim naar de top besloten om om te draaien, er hing een nogal dreigende
bewolking, en om in de regen over natte rotsen te moeten afdalen leek ons geen lekker idee.
De camping en de Storbreen

Albijal een uurtje of 8 onderweg geweest en uiteindelijk geen regen, en bij terugkomst
bij de tent zelf zon. Dit gaf Karin de inspiratie om in navolging van enkele Noorse meisjes
ook wat modder uit de beek te gebruiken voor een gezichtsmasker.
Was even bang dat het goedje betonhard zou opdrogen en de rest van de vakantie erafslijten,
maar het viel mee.
Dag 10, Krossbu - Geiranger
Ondanks de drukte blijft Geiranger een plek waar ik wanneer ik in de buurt ben toch steeds weer naar terugga,
al is het maar om een middagje te vissen bij de voorbootsteiger en een te dure hamburger met een biertje te nemen
om het terrasje pal aan het fjord achter 1 van de restaurantjes.
Dus ook dit jaar weer Geiranger in de route opgenomen. De 55 noordelijk gevolgd naar Lom,
en daarvandaan westelijk over de 15 richting Geiranger. Omdat bij ons vorig bezoek de Dalsnibba
geheel in de wolken zat, en enkel voor mij leuk was geweest om op en af te rijden, toch maar gebruik gemaakt
van het mooie heldere weer en nu bepakt naar boven gegaan, hetgeen de moeite waard was!
Eerste halfuur een prachtig vrij uitzicht, vervolgens een wolk die langzaam tegen de bergwand omhoogkwam.
In de afdaling naar Geiranger weer het verschil gezien in mentaliteit tussen Noren en vakantiegangers;
Noorse buschauffeur stopte op de eerstbeste plek om mij en enkele auto's langs te laten, Nederlandse
en Italiaanse kamper iets verder naar beneden bleven stug met 20kmh naar beneden sukkelen en stoppen voor
iedere haarspeld zonder een keer om te kijken.
Geiranger camping was zoals verwacht druk, maar 's avonds zelfs drukker dan ik ooit eerder heb meegemaakt,
tot de laatste kampeerplek vol. Het vissen leverde weinig lekkers op dit keer, wat onsmakelijke Sei,
dus toch maar gegaan voor de te dure hamburger. Serveerster waarschuwde ons nog dat het terrasje
achterom aan het water veeeeeeeeel te warm was.
Dalsnibba en wat hengelen in het fjord

Dag 11, Geiranger - Bremanger
Via Norsk.nl waren we in contact gekomen met enkele Nederlanders die in Noorwegen een nieuw bestaan hebben opgebouwd,
in onder andere Davik en Bremanger, dus het leek ons wel leuk om die gebieden eens te gaan verkennen.
's Morgen vroeg opgestaan om een vroege veerboot over het Geirengerfjord naar Hellesylt te nemen,
en van Hellesylt de 60 en de 15 tot aan Stårheim voor de veerpont over het Nordfjord naar Isame.
Geiranger -Hellesylt is een mooie tocht over het fjord, met aan beide kanten enkele hoge watervallen.
Watervallen in het Geirangerfjord

Van Isane de erg smalle en bochtige 616 gevolgd over Davik, maar aangezien daar geen
aan het water gelegen camping was besloten om door te rijden naar Bremanger.
Erg mooie route langs het fjord, met een mooie katterugbrug en een diepe tunnel onder de
Skatestraumen door naar Bremanger.
Omdat er op mijn kaarten geen campings stonden aangegeven in die omgeving in de plaatselijke hengelsportzaak
gaan informeren of er iets was. Een kwartiertje en meerdere telefoontjes later wist de verkoopster
ons te vertellen dat er twee mogelijkheden waren, of bij een oudere dame in de tuin, en sanitair gebruiken
van het 500m verderop gelegen openbare toilet, of bij een boer die een weiland aan de kust als camping gebruikte
en een wc en wastafel had in de daarnaast gelegen schuur.
Voor de laatste optie moesten we even verder informeren bij het iets verderopgelegen restaurantje,
"Farmen" geheten. Daar stapte meteen een vriendelijke meneer in zijn auto om ons de weg te wijzen,
en 1 kilometer verder arriveerden we bij een groot weiland aan zee, waar twee motoren en een tentje en een kamper stonden.
Prima plek!
We konden of bij hem betalen, of wanneer we vertrokken bij de verderopgelegen boerderij.
Tentje opgezet en even teruggelopen naar het restaurant, waar ook een supermarktje was en wat inkopen gedaan,
en na het eten een avondwandelingtje eerst langs het water en terug door het water tussen alle kleine eilandjes
door om het leven onder water, krabben, platvisjes, garnalen ect, eens te beklijken.
Nog niet moe genoeg ook nog even doorgelopen naar het witte zandstrand aan het einde van de weg
bij Grotle, ook geen verkeerde plek om een dagje aan zee te lummelen en wat te zwemmen...
De 616 en de "camping" bij Bremanger
















































